Venlo deel 5

WANDELROUTE VENLO deel 5
Rozarium en Julianapark

Wandel door het park en  ga rechtsaf naar het monument dat je daar ziet.

ROZARIUM
In de jaren 1928-’29 wordt deze nieuwe woonwijk gebouwd volgens een plan van de in Delft geboren architect Willem Frederik Carel Schaap. Eerder heeft hij in Arnhem een aantal woonwijken aangelegd, geïnspireerd op het bouwen van de Amsterdamse School en De Stijl.

Hij neemt de al bestaande waterpartij op als vijver in een rozentuin, aangelegd door de Utrechtse ‘Vereeniging tot bevordering van de rozenteelt Nos Jungent Rosae’ (Ons Herenigt Rozen), die reeds in diverse andere steden rosariums heeft gerealiseerd. Rozenkweker Mathieu Leenders ontwerpt het beplantingsplan en rozenkwekers uit onder meer het nabije rozendorp Lottum leveren rozenstokken. Bij alle toegangen ga je onder een rozenboog door.

Maar in de loop der jaren met ook de tussenkomst van de Tweede Wereldoorlog ontstaat er een grote verloe-dering van dit parkje. Daarom wil het gemeentebestuur in 1983 de tuin opdoeken. Maar dat is buiten de wijk-bewoners gerekend, die een buurtactiecomité vormen, waarna het rozarium helemaal wordt opgeknapt.

Vijver
De vijver is een overblijfsel van een vroegere waterpartij voor een legereenheid. Als vanaf 1816 het Tweede Regiment Cavalerie (soldaten te paard, ook huzaren genoemd) in het nabije oude Minderbroedersklooster wordt gelegerd, gaan zij dit water gebruiken als drink- en wasplaats en oefenvijver voor hun paarden. Als die legereenheid op 28 april 1913 naar de nieuwe Frederik-Hendrikkazerne in Blerick vertrekt, blijft dit stukje stadsgracht hier onbenut achter, tot het ruim een decennium later wordt opgenomen in de nieuwe wijk.

Bevrijdingsbeeld
In 1946 wordt het bronzen Bevrijdingsbeeld van Peter Roovers hier opgericht, waarbij elke 1ste maart de bevrijding van Venlo in de Tweede Wereldoorlog wordt herdacht. Die bronzen vrouw staat op restanten van het oorlogsbombardement, terwijl ze een kind boven haar hoofd houdt als personificatie van de weder-opstanding van de stad. In 1983 is er nog een sokkel uit bruin cortenstaal rond geplaatst met herinnerings-plaketten aan de verzetsstrijders, de Joden, de slachtoffers in Nederlands-Indië (nu Indonesië) en de Venlose burgers.

Venlo heeft zo’n acht bombardementen te verduren gekregen, waarbij het doel telkens de Maasbruggen was. Die zijn echter nooit geheel vernield kunnen worden door de geallieerden, deels door ongunstige weersomstandigheden, deels door Duitse weerstand. Uiteindelijk hebben de Duitsers ze zelf op 25 november 1944 opgeblazen tijdens hun aftocht. De Venlose binnenstad had intussen wel enorme schade opgelo-pen en er waren heel wat slachtoffers gevallen bij al die mislukte bombardementen.

Wandel vanaf de vijver dit parkje uit, ga even naar rechts en dan met de Prinses Beatrixstraat mee naar links draaien en die straat verder doorwandelen, die overloopt in de Lohofstraat.

De Rosariumbuurt is aangelegd tussen 1915 en 1940 als een woonwijk met eigen voorzieningen op een deel van het vroegere vestingterrein. Waar de Beatrixstraat overloopt in de bredere Lohofstraat zie je aan je rechterhand op nr.17 de vroegere Pastorie van de Sint-Martinuskertk uit 1929-’30 van Jules Kayser.
Links in de Prinsenhofstraat op nr.3 zie je naast de voordeur opschriften van een Gemeente Spaarbank die Kayser in 1925 bouwde. Maar links voor je in de Lohofstraat zelf mocht Jacobus Flink een zijn naam eer aandoend Politiebureau bouwen in een mix van Jugendstil en Amsterdamse School  stijlen.
Zoek er niet naar, het gebouw bestaat nog wel, maar heet voortaan Looihof en het is sinds 1980 door Ton Kleinjans omgebouwd tot appartementen.  Twee oprijzende pijlers naast de toegang. Daarop twee bollen, hét kenmerk van architect Flink, ook elders door hem toegepast en dan ook bekend als ‘de bollen van Flink’.

De naam Looihof doet aan leerlooiers denken, maar komt net zoals de straatnaam van het vroegere Prinsenhof van de hertog van Gelre, vanaf de Spaanse tijd in handen van het aartshertogelijk echtpaar Albrecht en Isabella.

Wandel de Lofhofstraat verder uit, zo kom je bij een kerkgebouw in de Minderbroedersstraat.

JONGEREN KERK Minderbroedersstraat 1.   
Wanneer Franse minderbroeders begin 17de eeuw naar Venlo komen, zijn ze daar zeer welkom. Er wordt naar ruimte gezocht voor de bouw van een klooster en daarvoor staat het Spaanse aartshertogenpaar in 1613 het terrein af van hun vroegere Hertogen- of Prinsenhof, met daarbij ook een deel van de bijbehorende tuin, het Loofhof.

We leven dan in de Spaanse tijd, waar Albrecht en Isabella onze Spaanse Nederlanden als huwelijksgift hebben gekregen. Een zéér katholiek vorstenpaar, dat net een Twaalfjarig Bestand heeft gesloten met het opstandige noorden van de Nederlanden.

Vanaf 1614 bouwen de minderbroeders aan hun klooster, waar ze tussen 1617 en 1620 ook nog deze kerk aan toevoegen. Ze zetten zich in voor de Venlose bevolking, maar het wordt een wederkerend gebeuren in ons verhaal, ook deze paters worden door de Fransen buitengezet in 1797.

Als die Fransen in 1814 zelf het hazenpad hebben gekozen na die roemruchte Slag bij Waterloo, wordt hun klooster een arsenaal voor die huzaren van de Venlose cavalerie. Als zij in 1913 naar Blerick vertrekken wordt het klooster gesloopt, maar blijft de kerk gespaard.

Teveel gelovigen
Deze Minderbroederskerk wordt in 1938 overgedragen aan de Sint-Martinusparochie, die stilaan te groot is geworden om alle gelovigen tegelijk in de Sint-Martinuskerk de mis te laten bijwonen. Jules Kayser mag de kerk tussen 1938 en 1943 restaureren en zorgt meteen voor een extra toegang opzij. Vooraan komt er een nieuwe uitbouw, waarin een trappenhuis wordt ondergebracht om het oksaal – de ruimte boven de hoofdingang – te kunnen bereiken. Voorheen ge-beurde dat vanuit het klooster, maar dat was er dus niet meer. Dankzij deze restauratie konden natuurlijk ook een aantal Venlonaars aan het werk blijven, waardoor ze niet als werkkrachten naar Duitsland werden afgevoerd.

Kerk vol radio’s
Die Duitsers gebruiken intussen de kerk als opslag-ruimte voor in beslag genomen radiotoestellen. Burgers mochten zeker niet naar geallieerde zenders luisteren. Maar naar verluidt is juist hier door Venlo-naars ingebroken om radio’s voor dat doel te bemachtigen.

Na de bevrijding wordt het weer een echte kerkruimte en moet de Minderbroederskerk de sterk verwoeste nabije Sint-Martinuskerk tot Kerstmis 1948 vervangen. Pas daarna kan in 1950 ook de oorlogsschade aan deze kloosterkerk worden hersteld. Tussen 1949 en 1964 wordt de kerkruimte door het stadsbestuur gebruikt voor exposities en ontvangsten.

Kerk voor jongeren
Wanneer in 1965 Leo Brueren het initiatief neemt voor een jongerenkerk, waar de Venlose jeugd op een eigen manier het geloof kan beleven, wordt de Minder-broederskerk omgedoopt tot Jongeren Kerk met een eigen pastoor en een eigen bestuur.

Wat later wordt een oude dichtgemaakte kerkingang opnieuw geopend om rolstoelgebruikers makkelijker binnen te laten komen. Boven die ingang – linkerzijde vooraan – zie je de sculptuur ‘Spelen voor Gods aangezicht’ van Tomas Rodr, zelf augustijner monnik.

Intussen zijn die ‘jongeren’ van de Jongeren Kerk allang een stukje ouder geworden, maar ze vormen nog wel een JK-groep met Hub van den Bosch als pastoor en Gerrie Gijsen als voorzitter van het JK-bestuur.

Als Rubens te duur was
Veel kunst valt er niet meteen te zien in deze Jongeren Kerk, buiten het schilderij ‘Annuntiatie’ uit 1679 van Jan van Cleef. Je zag de beeltenis van deze op 6 januari 1646 in Venlo geboren schilder al op het stadhuis. Hij kreeg zijn opleiding onder andere van Gaspar de Craeyer, wiens medewerker hij lange tijd is geweest. De Craeyer kom je vaak tegen in minder bekende Belgische kerken, hij was de schilder waarop men beroep deed als een echte Rubens te duur uitviel. Wanneer De Craeyer van Brussel naar Gent verhuist, gaat Jan van Cleef met hem mee. Hij zal dan ook op 19 december 1716 in Gent overlijden en daar in de Sint-Michielskerk worden begraven.

Nu mag je kiezen:
– ofwel wandel je de Lohofstraat nog een kort stukje verder uit, waardoor je op de Parade belandt. Deze uitgaansstraat heeft veel cafés en eetgelegenheden met terrassen. Volg je de Parade naar links, dan kom je vanzelf weer op de Keulse Poort, ons vertrekpunt.

– ofwel ga je links van de Jongeren Kerk het Arsenaalplein op, om dan om dan verder achter de kerk rechtdoor te wandelen, waarbij je na een kruispunt in de Keullerstraat belandt, die je naar het Julianapark brengt.

(De tweede keuze is niet interessant wanneer er een groot evenement in het  Julianapark plaatstvindt. Dan is vaak een groot deel van dat park omheind en kan je de beelden die erin staan niet goed bekijken.)

DUIZEND BOMMEN EN GRANATEN
Het Arsenaalplein verwijst naar een gebouw dat rechts langs dit plein stond. Tussen 1753 en 1944 was hier namelijk het Venlose wapenmagazijn, het arsenaal.

Links op het kruispunt van de Keullerstraat en de Van Cleefstraat zie je nog een speciaal hoekgebouw. 

 HUIZE SINT-JAN 
Van Cleefstraat 2-4.
Hier laat een Vereeniging tot Exploitatie van een Alcoholvrij Lokaal in 1927 door Jules Kayser zo’n ruimte bouwen met woningen erboven.  Een vroeg initiatief om van alcoholisten geheelonthouders te maken in een stad met heel wat brouwerijen.
Kayser kiest voor de Amsterdamse School-stijl, strak met hier en daar een ornament.
De heilige Johannes mag toekijken, van hem waren ze zeker, hij doopte uitsluitend met water.

Wandel je de Keullerstraat verder uit dan brengt die je naar de Deken van Oppensingel, welke parallel loopt met het Julianapark, waarin diverse eigentijdse beelden staan. Zo bereik je ook ons vertrekpunt.

JULIANAPARK Deken van Oppensingel.
Vanaf 1952 is deze langgerekte groenzone tussen twee singels aangelegd. Met oorlogspuin van vernielde huizen in de binnenstad is het vroegere emplacement van het treinstation van de Köln-Minderer Spoorlijn opgehoogd. Bij een herinrichting in het jaar 2000 zijn er grastaluds gevormd die verwijzen naar de vroegere stadswallen met hun voorterrein. Bovendien zijn er toen verschillende kunstwerken in dit 7,5 hectare grote park geplaatst.

Ga bij het eind van de Keulerstraat linksaf de Deken van Oppensingel volgen, dan zie je wat verder in het park de fontein.

Het is weer Ger Janssen die van deze driehoekige waterpartij een publiekstrekker heeft gemaakt. Drie water spuwende dolfijnen rijzen middenin op, achttien kleine vissenkopjes doen er vanaf de randen nog hun schepje bij. Een hoog opspuitende straal in het midden maakt Janssen werk compleet.

Wandel je met het park aan je linkerhand de Deken van Oppensingel verder af, dan kom je terug aan de Keulse Poort, ons vertrekpunt. Speur intussen in het groen naar de volgende kunstwerken:

Lezende Meisjes
De in Eindhoven geboren Willy Slegers van der Put zorgt in 1963 voor deze leesgrage meisjes. Zelf heeft
Willy haar kennis vervolmaakt via een stage bij Ossip Zadkine, de beroemde Franse beeldhouwer die in Rotterdam het beeld ‘Verwoeste Stad’ realiseerde.

 Bijlslag
Cor van Noorden, een Maastrichtenaar, slaakt hier in 1978 een verontwaardigd protest tegen het vernieti-gende, splijtende, beledigende geweld dat de mens-heid voortdurend wordt aangedaan. En hij doet dat met zijn voorkeur voor een Belgische kalksteen, het
petit granit de l’Ourthe.

 De Muze  
Hans van de Wetering geeft in 1972 een afwijkende vorm aan dit klassieke thema. Normaliter zijn die
Griekse godinnen van kunsten en wetenschappen vrouwelijk en liefelijk. Bij Hans is dat anders.

 Zwerfkeien
Tussen mei 2009 en maart 2010 werd op initiatief van Museum van Bommel van Dam  in Venlo een tijdelijke beeldenroute ‘Keiharde Stilte’ uitgezet. Op veertien plaatsen worden ruwe, onbewerkte keien naast ronde en glad gepolijste stenen als kunst gepresenteerd.

Bij afloop van deze expo vindt de Venlose bevolking het jammer dat al die stenen weer zullen verdwijnen. Daarom koopt het stadsbestuur één kunstwerk, waarbij de Venlonaren zelf kiezen welk dat zal worden.

Dit werk van Adri Verhoeven wordt uitverkoren en ligt op dezelfde plek als tijdens de tentoonstelling.

Drie Verticalen
Maastrichtenaar Frans Gast zet hier in 1978 een puur figuratief werk neer ter gelegenheid van het honderd-jarig bestaan van de firma Océ van der Grinten het jaar voordien. Tijdens de route heb je kennis gemaakt met apotheker Louis van der Grinten en zijn boterkleurstof.

 Vredesvlam
Achter het Limburgs Museum staat sinds 2005 deze natuurstenen zuil van Frans van Nieuwenburg en Suzan Faessen. Binnen een glazen gedeelte brandt die vredesvlam. De aanleiding voor dit werk was een droevig voorbeeld van zinloos geweld.

In 2002 spreekt René Steegmans bij een Venlose supermarkt twee jongens op een scooter aan, wanneer zij bijna een oudere vrouw omver rijden. De reactie van het duo is ongezien, René wordt door hen zo vreselijk mishandeld dat hij twee dagen later aan zijn verwondingen overlijdt.   

 

Daarmee zijn we terug op ons vertrekpunt bij Valuas en Guntrud en hopen we met hen dat u Venlo hebt leren kennen als een stad die uw bezoek waard was.

Foto’s Danielle Janssens – Tekst Frits Schetsken

Opmerkingen, verbeteringen of aanvullingen zijn zeker welkom via mail of schriftelijk:
frits.schetsken@telenet.be / Frits Schetsken, Everdijstraat 5 bus 3, B-2000 Antwerpen, België.